De historie van de Polosport

Polo is een van de oudste balsporten ter wereld. Ver vóór Christus werd de sportal in Perzië beoefend in de vorm van een spel met honderden deelnemers aan ieders zijde. Hierbij werd vooral getest welke paarden sterk genoeg waren voor de oorlogstijd.

Omstreeks de 16e eeuw wordt polo door Mogulstrijders overgebracht naar het Himalaya-gebergte, waar complete dorpen tegen elkaar speelden. In eerste instantie gebeurde dit met hoofden van verslagen vijanden, later met dierenkoppen. Uiteindelijk werd de overstap gemaakt naar de Pulu (Tibetaans voor ‘Wilgenknoest’) dat verbasterde tot polo.

Britse theeplantagehouders in Birma kwamen rond 1850 met de polosport in aanraking. Ook Engelse militairen ontdekte de polosport in Noord-India en Pakistan. Het bleek een geweldige manier om militaire paarden te trainen. Door hen werd in 1863 een van de eerste polo clubs opgericht - Polo Club Calcutta. In 1869 werd de eerste wedstrijd gespeeld in Engeland waarna het polo door het Britse leger enthousiast werd geadopteerd; ze beschreven het als “Hockey te paard”.

De Hurlingham Polo Club in Londen groeide al snel uit tot het centrum van de polosport. Hier werden in 1875 de eerste officiële spelregels opgesteld. Belangrijk was dat de introductie van het handicapsysteem, dat ervoor zorgde dat spelers van verschillend niveau konden samen spelen. Hierdoor kreeg polo een sociaal karakter en de sport verbreidde zich naar andere delen van de wereld.

In 1875 werd de eerste polowedstrijd gespeeld in Argentinië, het land dat tegenwoordig wordt beschouwd als het Walhalla van de polosport. Argentinië beschikt niet alleen over de ideale omstandigheden qua klimaat en faciliteiten, maar ook over de beste paarden en spelers.

Andere gerenommeerde pololanden zijn Engeland, Ierland, India, Brazilië, Verenigde Staten, Australië, Nieuw-Zeeland en Zuid Afrika. Door de gestage groei van het aantal beoefenaars in andere landen komen er steeds meer sterke landen bij.